Onderzoek COPD

 

COPD-patiënten die in een jaar tijd de grootste achteruitgang in de 6-minutenwandeltest lieten zien, overlijden significant eerder dan patiënten wier conditie minder snel verslechtert. Dat blijkt uit onderzoek van CIRO+ expertisecentrum voor Chronisch Orgaanfalen in Horn, Imperial College London en Harvard University. Het onderzoek is in februari gepubliceerd in American Journal of Respiratory and Critical Care Medicin.

Onderzoeksleider Martijn Spruit noemt de 6-minutenwandeltest een ‘nuttig instrument om deels de ernst van COPD beter te begrijpen’. Het onderzoek betrof 2112 patiënten met matig tot zeer ernstig COPD die voorafgaand aan de studie en na een jaar een 6-minutenwandeltest uitvoerden. Een achteruitgang van het testresultaat met gemiddeld 40 meter wees op een verhoogd risico om te overlijden. Bij patiënten die in het onderzoeksjaar in leven bleven, was de uitkomst van de test aan het eind van het jaar gemiddeld 10 meter minder dan aan het begin.

Volgens de onderzoekers zegt het resultaat dat de 6-minutenwandeltest een eenvoudige en betrouwbare maat is van de beperking van het inspanningsvermogen. Omdat een forse achteruitgang samengaat met een verhoogd risico op overlijden, zou de test deel moeten uitmaken van de reeks onderzoeken die COPD-patiënten jaarlijks ondergaan om het verloop van de aandoening beter te kunnen opvolgen. Volgens een redactioneel commentaar in American Journal of Respiratory and Critical Care Medicin, zijn de onderzoeksresultaten klinisch relevant en geven ze richting aan nieuw onderzoek naar het verband tussen achteruitgang in de 6-minutenwandeltest en vroegtijdig overlijden.